Lijfrenten in de Wet IB 2001

Informatie

Nederland kent een lijfrentetraditie. Veel belastingplichtigen hebben in de voorbije decennia lijfrentecontracten gesloten die dienen als aanvulling op hun AOW- en/of pensioenvoorziening. Ook op dit moment worden er nog regelmatig lijfrenten gesloten. In de MKB-praktijk komen lijfrenten dan ook veelvuldig voor. De Wet IB 2001 kent echter stringente regels in het kader van lijfrenten.

In deze cursus bespreekt mr. dr. G.M.C.M Staats het wettelijk kader van de lijfrenten in de inkomstenbelasting. De genoemde stringente regels zijn complex en het is voor belastingplichtigen van belang om deze goed na te leven om fiscale sancties te voorkomen. Deze cursus gaat in op de hoofdlijnen van de regelgeving, waarbij ook nog aandacht wordt geschonken aan de zogenoemde oud regime lijfrenten. De leerstof vormt hiermee een overzicht van de regelgeving inzake lijfrenten, maar tevens een mooie opfriscursus voor de professional in de praktijk.  

De volgende onderwerpen komen aan de orde:

  • Hoe ziet het Nederlandse pensioenstelsel eruit?
  • Wat is de inhoud van het begrip lijfrenten?
  • Welke lijfrentevormen zijn er en wat zijn de voorwaarden bij deze verschillende vormen?
  • Hoe wordt lijfrentepremieaftrek berekend?
  • Wat zijn de aanbieders van lijfrenten?
  • Wat zijn de wezenlijke verschillen tussen een verzekerde en bancaire lijfrente?
  • Wat zijn de gevolgen van niet-afgetrokken lijfrentepremies?
  • Wat zijn pre-bredeherwaarderingslijfrenten?
  • Welke adviesmogelijkheden op hoofdlijnen zijn er voor deze pre-bredeherwaarderingslijfrenten?

Deze cursus is geactualiseerd in september 2017.

Preview

Leerdoelen

Na het volgen van deze cursus kent u:

  • de hoofdlijnen van het Nederlandse pensioensysteem;
  • de inhoud van het fiscale begrip lijfrente;
  • de verschillende soorten van lijfrenten;
  • de wijze waarop de maximale lijfrentepremieaftrek berekend moet worden;
  • de verschillen tussen de verzekerings- en bancaire lijfrente;
  • de fiscale gevolgen van niet-afgetrokken lijfrentepremies;
  • de keuzemogelijkheden bij pre-bredeherwaarderingslijfrenten.

Auteur

  • mr. dr. G.M.C.M. Staats LLM

    Mr. dr. Gerard M.C.M. Staats LL.M is fiscaal jurist en sinds 2001 als universitair docent verbonden aan het Fiscaal Instituut van Tilburg University. Gerard werkt ook als Senior Manager op het Bureau Vaktechniek bij BDO Belastingadviseurs, met als voornaamste taken pensioen, individuele toekomstvoorzieningen en de eigen woning. In januari 2014 is hij gepromoveerd op het proefschrift Personal Pensions in the EU: Guidelines for an integrated model. Van zijn boek Lijfrenteverzekeringen in de Wet IB 2001 (Sdu, 2001), verscheen in 2014 de 3e druk. Van Kapitaalverzekeringen in de Wet IB, box 1 of box 3 (Sdu, 2002) verscheen een 3e druk in 2015, waarin het Eigenwoningsparen centraal staat. Ook werkte hij als co-auteur mee aan Inkomstenbelasting en de gevolgen van (echt)scheiding (Sdu, 2003, 2007, 2013), De Eerste Pijler, De Tweede Pijler en De Derde Pijler (Kluwer) en het Compendium Estate Planning. Hij is redacteur van het Compendium Echtscheiding. Gerard is redacteur van NDFR-IB (onderdeel kapitaalverzekeringen) en treedt regelmatig op als docent bij diverse organisaties.